Mannen willen een Thuisblijfmoeder

Mannen willen een traditionele huisvrouw en vrouwen zijn op hun beurt gelukkig met hun rol als moeder thuis. Ze willen liever een werkende retroseksuele man dan een metroseksueel die thuis blijft om voor de kinderen te zorgen. Dat blijkt uit Brits onderzoek.

Traditionele waarden

Het onderzoek ondervroeg meer dan 1500 volwassen over de eigenschappen die ze het meest waardeerden bij hun partner. Hun antwoorden leunden erg aan bij de waarden van het huwelijk uit de jaren '50. Mannen willen in de eerst plaats dat hun vrouw goed is in het huishouden, gevolgd door koken, poetsen en opvoeden. Slechts 16 procent van de mannen waardeert financiële stabiliteit bij een vrouw. Dat betekent dat de meeste mannen huishoudelijk geluk verkiezen boven een carrièrevrouw.

Verzorging als wederdienst

Veel vrouwen maken dezelfde keuze. Bijna 40 procent zegt dat financiële stabiliteit de belangrijkste kwaliteit van een man is. Ze waarderen ook goed kunnen tuinieren meer dan kook- of poetskunsten. Onderzoekster Tanya Jackson zegt: "Veel vrouwen dachten vroeger dat ze een metroseksuele man wilden. Maar ze hadden plots genoeg van een man die meer tijd in de badkamer doorbracht dan zij. Vrouwen beseffen nu dat ze een man willen die de kost verdient en ze zorgen voor hem als wederdienst."

De cijfers bevestigen deze evolutie. Het aantal Britse mannen dat thuis blijft om voor de kinderen te zorgen, daalde het afgelopen jaar met 6 procent.

Leven als een huisvrouw in de jaren vijftig

Paul van Vliet zong melancholiek 'papa is blijven hangen in de sixties', maar er zijn vrouwen die zijn blijven hangen in de jaren dertig, veertig of vijftig van de vorige eeuw.

Vol vreugde en overgave omarmen ze het fulltime huisvrouwenbestaan, en wijden zich aan het huishouden en de zorg voor hun man. De rol van de man is even duidelijk: hij zorgt voor het brood op de plank en doet de 'mannelijke' dingen, zoals de auto wassen.

Deze vrouwen leven liever in een tijd waarin de rol- en taakverdeling duidelijk was, en de wereld, in hun ogen, een betere plek.

Bekijk hier onder de documentaire!

Supermoeder valt van haar voetstuk

Steeds minder mensen geloven in supermoeder, die een succesvolle carrière heeft en ook nog op tijd thuis is om koekjes te bakken. Een groeiende groep mensen gelooft dat er een prijskaartje hangt aan moeders die buitenshuis werken, en dat het de kinderen en het gezin zijn die dat prijskaartje betalen.

Dit bleek uit onderzoek van Professor Jacqueline Scott van de faculteit sociologie van de Universiteit van Cambridge. Enkele citaten:

'Er lijkt een groeiende sympathie te ontstaan voor het ouderwetse idee dat vrouwen thuis horen, en niet op kantoor.'

'Het idee dat steeds meer mensen vinden dat vrouwen buitenshuis moeten gaan werken in plaats van thuis voor het gezin te zorgen is duidelijke een mythe,' aldus Professor Jacqueline Scot.'

'Het is goed mogelijk dat deze verandering in denken wordt veroorzaakt doordat de glans van het Supermoeder-syndroom af is. Het idee dat vrouwen een volwaardige carrière nastreven terwijl ze thuis ook nog koekjes bakken wordt meer en meer gezien als onhaalbaar voor gewone stervelingen.'


Het onderzoek

In 1980, 1990 en 2000 werd onderzoek gedaan naar de ideeën van mensen over gelijkheid tussen man en vrouw en de rolverdeling. Professor Scott vergeleek deze resultaten met recente resultaten van de 'International Social Survey Programme'.

Onderzoeksmethode

In ieder onderzoek werden aan zo'n 1000 tot 5000 mensen stellingen voorgelegd. De respondenten moesten zeggen of ze het er mee eens waren of oneens.

Stellingen als: 'Het is de taak van de man om geld te verdienen,' en 'Het is de taak van de vrouw om voor de kinderen te zorgen' werden voorgelegd om de mening over gelijkwaardigheid tussen mannen en vrouwen te meten.

Stellingen als 'Het gezinsleven lijdt er onder als een vrouw fulltime werkt,' werden gebruikt om te meten of werkende moeders als nadelig werden gezien voor kinderen en gezin.

Resultaten

In 1990 zei meer dan 50% van de vrouwen en 51% van de mannen dat het gezin er niet onder leed als een vrouw ging werken. Sindsdien is dit gedaald naar 46% onder vrouwen en 42% onder mannen.

In vergelijking met 1991 zien nu minder mensen een baan als de beste weg naar onafhankelijkheid voor vrouwen: 54,9% vrouwen, 54,1 mannen.

In Amerika zijn de verschillen nog groter. Daar is het percentage mensen die zeggen dat het gezinsleven niet wordt beïnvloed door een werkende moeder gedaald van 51% in 1994 naar 38% in 2002.

Hoe komt dat?

Professor Scott vindt dat er nader onderzocht moet worden waarom de meningen zijn veranderd. Is dat omdat zorgen voor het gezin als typisch vrouwenwerk wordt gezien, of is het omdat mensen denken dat er geen alternatief is?